Met een echopunctie halen we met een naald wat weefsel of vocht weg. Door echobeelden te maken, weten we op welke plek we dit moeten doen. We maken dus gebruik van 2 onderzoekstechnieken:
- Met een punctie haalt onze radioloog met een dunne holle naald wat vocht uit uw lichaam. Als het nodig is om een klein stukje weefsel weg te halen, gebeurt dat met een iets dikkere holle naald. Dat heet een biopt.
- Met echografie (kortweg ‘echo’) zien wij de grootte, de structuur en eventuele afwijkingen van uw organen en weefsels. Dankzij die beelden weten de radioloog en de laborant precies op welke plek of plekken het weefsel of vocht zit dat in de naald moet komen.
Na afloop gaat het verzamelde weefsel of vocht voor onderzoek naar onze afdeling Pathologie.